Het leven in het Sint Liobaklooster.



Het torentje kenmerkt het klooster. De klok luidt vele keren per dag voor het gebed, voor de maaltijden of voor andere samenkomsten.


Sint Liobaklooster

Het Sint Liobaklooster vormt een monastieke gemeenschap in de benedictijner orde. In 1935 heeft Hildegard Michaelis het klooster gesticht. Na de kerkelijke goedkeuring in 1952 werd de officiele naam Congregatie van de Sorores Benedictinae Sanctae Liobae Egmundensis. In de jaren zestig ontstond ook de tak van de broeders, die met de zusters hetzelfde ideaal nastreeft. Het klooster heeft twee dochterstichtingen voortgebracht, in Zwitserland (in Orselina bij Locarno) en in Zuid Frankrijk (in Simiane-Colongue). Nu zijn het drie onafhankelijke, zelfstandige Monasteria geworden. In Egmond zijn momenteel twaalf  zusters en twee broeders, varieërend in de leeftijd van 35 tot 90 jaar.

De naam: Sint Lioba

Lioba is een bijnaam, een troetelnaam. De naam werd gegeven aan een nicht van Bonifatius (675-754), Thruthgeba, die het christendom naar onze streken heeft gebracht. Zij was opgevoed in een dubbelklooster (mannen en vrouwen) in Zuid Engeland. Alom was zij gekend door haar kennis van de Schrift, en zij had zo een lieflijk karakter dat de mensen haar spontaan de naam Lioba (lieflijke, goede) gaven.Bonifatius nodigde haar uit om de zorg voor de pas bekeerde jonge vrouwen op zich te nemen, die evenals de monniken, hun leven geheel en al aan God wilden wijden. De vriendschap tussen Lioba en Bonifatius was zo innig, dat Bonifatius verlangde dat, als hij kwam te overlijden, zijn gebeente op een dag sam en met het gebeente van Lioba begraven moest worden, opdat zij, verenigd in hun leven, ook samen uit de dood zouden verrijzen.Hun beider relieken rusten in Fulda.

Hildegard Michaelis

Het klooster is gesticht door Hildegard Michaelis. In 1900 is zij geboren in het land van de grote mystieken, Erfurt in Thuringen. Zij heeft de gemeenschap op de monastieke weg gevormd. Hoewel zij in 1982 is overleden, is deze vorming tot op vandaag karakteristiek van de gemeenschap. Velen van de zusters en broeders dragen het beeld van haar in het hart mee hoe zij in stilte las in de Schrift of in de werken van de grote mysticus Meester Eckehart (1260-1327), net als zij uit Thuringen afkomstig.

Haar gedachten

Haar kijken naar alles om haar heen, naar de mens, een dier of plant, zelfs naar de eenvoudige gebruiksvoorwerpen, was getekend door een bijzondere aandacht en eerbied.

"God schiep alle dingen opdat zij zouden zijn; en God schiep de mens in wie God zichzelf uitstort en overvloeit, opdat de mens God wordend zin geeft aan alle schepselen, en weer terug zal vloeien naar God."

(Meester Eckehart, Commentaar op Genesis)


Quae sursum sunt sapite.

Weet te genieten van wat van boven komt.

De wijde hemel boven ons nodigt uit horizonten af te tasten, verder dan het dagelijks leven. Zo is de gemeenschap helemaal gericht op het spirituele leven, het zoeken naar God. Op de binnenplaats is in de muur van de kerk een gevelsteen te zien. Deze stelt de orante voor, een biddende vrouwengestalte, zoals zij in de vroeg christelijke kunst voorkomt. Een van de zusters heeft dit in steen gehakt.

Een leven volgens de monastieke traditie van Benedictus

Op 21 maart, de eerste lentedag en op 11 juli, midden zomer vieren monniken en monialen het feest van "Onze Heilige Vader Benedictus"Wat heeft een monnik die eind vijfde, begin zesde eeuw leefde en voor zijn tijd het leven van de oosterse monniken voor het westen gestalte gaf en regelde, voor onze tijd te zeggen?Als wij eerlijk zijn, staat zijn "regel" haaks op ons levensgevoel. Hij is uitermate patriarchaal, zijn beschrijving van de deugden van gehoorzaamheid en nederigheid passen absoluut niet bij het mensbeeld wat onze tijd als ideaal beschouwt. Wij zijn eindeloze denkers en de regel is een doe-regel. En toch is het met die regel als met wat Jezus zegt over zijn boodschap van het Koninkrijk, het is er mee als een schat, een parel die verborgen ligt in de akker.Benedictus zelf zegt van zijn regel: "Het is een richtlijn voor beginnelingen"en hij wil aantonen dat zijn monniken – waren er toen al vrouwen die met deze regel leefden?- enigszins fatsoenlijk leven. Hij is zich blijkbaar bewust hoe zijn regelingen voor monniken slechts pogingen zijn om een gemeenschappelijk leven met aandacht voor ieder persoonlijk, enigszins mogelijk te maken.
En dat besef van "dit wankele evenwicht" is veel wezenlijker 
dan wij op het eerste gezicht denken, en misschien
glinstert daar iets van die parel. Benedictus regelt niet
hoe zijn monniken "rechtvaardigen" moeten worden.      
Waardoor zij als een geestelijke elite zouden uitsteken 
boven andere zwoegers in dit leven.

Benedictus leert hoe wij dat wat Jezus noemde "arm van geest",
ontvankelijk kunnen worden voor God zelf.

Het is een weg van alles wat je doet, doen met aandacht,
met zorg en liefde, omdat alles rechtstreeks met God 
en zijn schepping van doen heeft.